The Biggest Little Farm: Regeneratieve landbouw, het kan!

Jeetje, wat is het fijn om eens een positief verhaal over landbouw en biodiversiteit te zien. In de film The Biggest Little Farm tovert het koppel Molly en John Chester een troosteloos stuk land op een steenworp afstand van Los Angeles in enkele jaren om te toveren in een groene oase en boerenbedrijf.  Een klein wonder.

Een roestig bootwrak op een gortdroge vlakte, dikke klompen uitgeharde aarde en verdomd weinig groen. Het is een klein wonder dat het koppel Molly en John Chester dit troosteloze stuk land op een steenworp afstand van Los Angeles in enkele jaren weten om te toveren in een groene oase en boerenbedrijf. Jeetje, wat is het fijn om eens een positief verhaal over landbouw en biodiversiteit te zien. Met de mens in een bescheiden hoofdrol, die vooral kijkt naar wat de natuur nodig heeft en te bieden heeft. Niet zijn of haar wil oplegt, maar zoekt naar harmonie.

Dat is al reden genoeg om The Biggest Little Farm niet te missen. Daarnaast is de documentaire ook nog eens gemaakt door een superteam, met makers achter grote klimaatfilms als Before the Flood, The Cove, Racing Extinction en An Inconvenient Truth en muziek van de componist van House of Cards en Blackfish. Met het netwerk en de kwaliteitsgarantie van dit team is de kans groot dat de film wereldwijd – maar in ieder geval in Amerika – veel bezoekers trekt. Wat betekent dat veel mensen kennismaken met de biodynamische en regeneratieve manier van boeren die het tweetal nastreeft. En dat is mooi.

biggest little farm

Natuurlijk evenwicht

De stuwende kracht achter de boerderij is vooral Molly, van huis uit kookboekenschrijver. Zij verdiepte zich in hoe traditionele culturen omgaan met voeding en de natuur en raakte daardoor geïnspireerd. In de film wordt hun verhaal echter verteld door Chris, toevallig ook een succesvol filmmaker. De vertelstructuur zit enorm lekker in elkaar. Drama, emotie, diepgang, schoonheid en ook de zwartere kant van moeder Natuur; het zit allemaal in de film. Want er zijn plagen en noodweer, en het gebied kampt bovendien met grote droogte en alles verwoestende branden.

Soms lijkt het even een natuurfilm, bijvoorbeeld als John nachtcamera’s installeert om te kijken wie verantwoordelijk is voor al die doodgebeten kippen die ’s ochtends in de velden liggen. Het blijkt een komen en gaan van wilde dieren, zoals slangen, coyotes en vossen. Steeds zoeken John en Molly op zoek naar een natuurlijk evenwicht.

Niet dat er alleen winnaars zijn. Een slakkenplaag blijkt prima te verhelpen door een groep eenden; die zijn er dol op. En terwijl ze hun buikjes rond eten, lopen ze de eendenpoep uit over de grond. Heilzaam voor de gewassen. Voor de slakken wat minder. De boeren leren ondertussen al doende. Niet met ingewikkelde technologie, maar door de oplossingen die de natuur zelf aandraagt.

Naar boven