Regisseren is een knokpartij

Eigenlijk draait de masterclass van Coco Schrijber om drie simpele zinnetjes die belangrijk zijn voor een succesvolle regisseur. Eén ervan is zelfs één woord: nee. Keuzes maken, weten waar je mee bezig bent en vertrouwen op je eigen visie. Daar draait auteurschap uiteindelijk om.

‘Voor je maar één shot hebt gedraaid, bemoeien allerlei mensen zich al tegen je film aan’, stelt Coco Schrijber in haar masterclass in Tuschinski. Regisseren blijkt in zekere zin een knokpartij. How to Meet a Mermaid, haar film die aankomende vrijdag op IDFA in première gaat, wordt bijvoorbeeld vanuit verschillende landen gefinancierd. Dan wordt er volgens haar ook verwacht dat er uit al die landen crewleden meewerken. ‘Dus moet je voor je film gaan staan en de mensen kiezen waarmee jij wil werken.’

Schrijber zette ook haar zin door in de keuze voor het CinemaScope-formaat. Dat moet volgens haar gewoon bij een film over de zee. Hoeveel weerstand het ook oproept (een omroep gruwt van de zwarte balkjes op teevee), ook hier geldt; zeg gewoon ‘nee’.

‘Wat gaan we doen’ is de tweede cruciale zin. De zee verbindt in How to Meet a Mermaid de levens van drie mensen, waaronder Schrijbers broer die in de oceaan is verdwenen. Ademen was het uitgangspunt van de film: zolang je blijft ademen, gaat het goed. Dat bleek enorm nuttig toen er tijdens het draaien in Mexico ineens een fanfareband op het strand stond. De hele crew rende er meteen naartoe: dat moeten we hebben! Schrijber deelde hun enthousiasme niet, tot ze zag hoe de tubaspeler zat te worstelen met zijn ademhaling. Toen ze wist hoe het in de film paste, zag ze ook hoe het gefilmd moest worden; een beetje apart van de rest, met de zee op de achtergrond.

Interviews kúnnen spannend zijn

Een andere belangrijke tip is: begin altijd met interviews. Bij de Kids & Docs Workshop die ze al jaren geeft, merkt ze dat veel mensen talking heads saai vinden. Het is kiezen voor de gemakkelijkste weg, zegt zelfs iemand uit de zaal. Maar de fragmenten uit First Kill, haar film over de donkerste kanten van de mens, laten zien dat interviews juist heel spannend kunnen zijn. Die informatie uit de interviews is nodig en het materiaal kun je op allerlei manieren weergeven of uiteindelijk gewoon weglaten, vindt Schrijber. En wees eerlijk: iemand op de man af vragen hoe je eerste moord voelt, is echt niet makkelijk. Andere les: ook onbeantwoorde vragen kunnen mooie scènes opleveren.

Het is ongelofelijk belangrijk dat je als filmmaker weet wat je fascineert en wie je bent. ‘De films die je maakt weerspiegelen jou’, vindt Schrijber. Ze vertelt hoe ze alles op alles zette om Michael Herr, de verteller en medescenarist van Apocalypse Now, voor First Kill te mogen interviewen. Niemand gaf haar een kans, maar ze bleef doorzeuren. En het werkte. Dezelfde brutaliteit viel echter helemaal verkeerd bij Francis Ford Coppola. Van John Malkovich, de vertelstem van haar film Bloody Mondays & Strawberry Pies, wist ze dat hij van borduren hield. Ze liet haar brief aan hem machinaal borduren en ook hij ging voor de bijl.

De laatste van de drie zinnen is ‘Wacht maar’. Soms weet je als regisseur niet precies hoe iets gaat uitpakken, maar heb je het gevoel dat er iets gaat gebeuren. Zoals in Bloody Mondays & Strawberry Pies, over de creatieve kracht van verveling. Na een tijd observeren op een kantoor op Wall Street had ze het gevoel dat ze één jongen moest volgen. Ze gaven hem een zendertje, zetten de camera klaar en wachtten af. Na twee weken schoot ze inderdaad een bijzondere scène, die wordt versterkt door filmische toevoegingen waaronder nep en plastic klinkende muziek. ‘Heb je daar ongelofelijk lang aan gewerkt en dan zegt iemand: je hebt hem gewoon gevraagd om dit te doen.’

Naar boven