Hubert Sauper en Fernando Solanas: ‘Het gaat niet om individuen, het gaat om het systeem.’
Met hun documentaires strijden zowel de Oostenrijker Hubert Sauper en als de Argentijn Fernando Solanas tegen de neoliberale globalisering. In Darwin’s Nightmare toont Sauper het sarcasme van de armoede, in Memoria Del Saqueo (A Social Genocide) analyseert Solanas de oorzaken van de crisis waarin zijn land zich bevindt.
Hubert Sauper en Fernando Solanas begroeten elkaar als oude vrienden, maar het is een eerste ontmoeting. Sauper knijpt in de arm van de gevierde Argentijn alsof hij controleert of hij geen luchtspiegeling is. Ondertussen vertelt de Oostenrijker enthousiast dat hij zo onder de indruk was van Solanas’ film Sur (1987) dat hij hem drie keer heeft gezien. ‘Volgens mij kwam hij uit toen ik net op de Filmacademie zat. Of ik erdoor beïnvloed ben? Waarschijnlijk, al was het indirect. Alles wat je ziet en doet beïnvloed je op de een of andere manier. Ik herinner me een nachtelijk Buenos Aires, motorfietsen op de straathoeken – een heel krachtige atmosfeer.’
Vrienden van Solanas hebben Saupers film Darwin’s Nightmare gezien en wezen hem op de overeenkomsten. ‘Volgens hen lijkt jouw ideologie en de manier waarop je de neoliberale globalisering behandelt op die van mij. Je toont de grove onrechtvaardigheid en het volledige cynisme.’ ‘Het sarcasme van de armoede’, knikt Sauper. In zijn film vist de Tanzaniaanse bevolking dagelijks tienduizenden kilo’s nijlbaars uit het Victoriameer, maar heeft zelf nauwelijks te eten. De meesten moeten vechten om te overleven. De rauwe beelden van straatkinderen die als wilde katten aanvallen op een pan eten die ze gezamenlijk hebben gekookt, doen je onwillekeurig aan natuurfilms denken; als hun graai succes heeft rennen ze weg van eventuele kapers en schokken het naar binnen.
Bommen?
‘Ik ken uw politieke standpunt’, zegt Sauper tegen Solanas. ‘Ik denk dat veel in mijn film u bekend voorkomt, want hij gaat over de geglobaliseerde economie. En in het bijzonder over de enorme transportvliegtuigen die tussen Europa en Afrika heen en weer vliegen. De protagonisten zijn de piloten, sommige van hen zijn oud-strijders van het Rode Leger. Ze brengen visfilets van het Victoriameer naar Europa en op de terugvlucht brengen ze bommen.’ ‘Bommen?’, reageert de hiervoor steeds instemmend knikkende Solanas ontzet. ‘Kalasjnikovs, munitie en in mindere mate bommen’, knikt Sauper.
‘Ze brengen het naar Tanzania, Congo, Liberia en Angola. Ik richt me niet zozeer op hoe dat precies in zijn werk gaat, maar op de vliegeniers, zonder dat ik ze aanklaag of veroordeel. Het belangrijkste personage in de film is een Oekraïner die foto’s van zijn familie laat zien en die we langzaam beter leren kennen. Als hij echt dichtbij is en de kijker zich bij hem betrokken voelt, vertelt hij wat hij in werkelijkheid vervoert.’
Deze tekst gaat door onder de trailer.
Schulden
Het lijkt in de film alsof dit voor Sauer zelf ook een ontdekking was, maar het was hem juist om deze onthulling te doen. ‘Hoewel ik tijdens de opnamen wel een moment heb getwijfeld of ik wel de goede Russen had uitgekozen en zij misschien echt lege vliegtuigen terugvlogen.’ ‘Een geweldig onderwerp, excellent’, constateert Solanas terwijl Sauper hem wat foto’s en promotiemateriaal toont. ‘Hij heeft het goed gezien; het probleem ligt niet bij de individuen, maar bij het systeem.’
Memoria Del Saqueo (A Social Genocide), Solanas’ film, heeft een algemener onderwerp. ‘Het is een analyse van de oorzaken van de crisis waarin Argentinië zich bevindt. Maar er gebeuren in mijn land vergelijkbare dingen, met andere producten. Mineralen, olie, het is ongelofelijk.’ Voorbeelden van fraude en rücksichtlose zelfverrijking te over. Al vanaf de negentiende eeuw steken allerlei machthebbers het geld van leningen en subsidies op naam van het land in eigen zak. Inmiddels zit Argentinië met torenhoge buitenlandse schulden, waar de gewone mensen onder lijden. Vooral kinderen, maar ook volwassenen sterven door ondervoeding en gemakkelijk te genezen ziekten als diarree.’ Ook hier zien we beelden die we zo goed kennen uit Afrika: opgezwollen buikjes en volkomen uitgemergelde kinderlichaampjes.
Mafiocratie
‘In mijn film ontmasker ik de mafiocratie van de internationale banken en allerlei aanverwante instituten en bedrijven’, vertelt Solanas. ‘We hebben een systeem waarin internationale functionarissen en grote Europese en Amerikaanse banken betrokken zijn bij witwasoperaties en oplichterij. Het is geen beperkte groep op zichzelf staande internationale functionarissen, nee, het is een systeem. En dat systeem wordt gesteund door het IMF. Dat is geen objectief instituut, het dient de belangen van de bankiers van Europa en de Verenigde Staten.
‘Het is gebleken dat een bedrijf als Enron frauduleus is. Met een complex controlesysteem als dat van de Amerikanen, moet het wel zo zijn dat ze allemaal samenwerken. De bedrijven, de banken, iedereen profiteert ervan. Daar is weinig tegen te doen. Alleen de veranderen van het systeem, we moeten af van de neoliberale globalisering.’
De filmmakers zijn het er over eens dat de directe slachtoffers weinig kunnen veranderen. ‘Als je nauwelijks te eten hebt, kun je niet in opstand komen’, stelt Solanas. ‘En de rijken kan het niets schelen’, vult Sauer aan. ‘Dus moeten wij ingrijpen. De westerse middenklasse moet een einde maken aan deze ellende.’ Hopelijk dragen hun films daar een klein beetje aan bij. Als de film jou een beetje verandert, is de wereld een beetje veranderd, is hun beider standpunt.
Deze tekst gaat door onder de trailer.
Sociale onrust
Solanas benadrukt het verschil tussen Afrika en Zuid-Amerika. ‘De sociale organisatie is bij ons van een veel hoger niveau, er komt altijd wel een antwoord op onrecht. Mensen laten dingen niet gebeuren. Er is voortdurend sociale onrust, zoals je kunt zien in mijn film.’ Daarom betreurt hij het zo dat documentaires zo weinig op televisie vertoond worden, dat zou het effect vergoten. ‘Het Amerikaanse volk wordt via de televisie geïnformeerd over hun land. De regering Bush is het directe resultaat van het economische systeem en de mediacultuur. Het land wordt geregeerd door een onwetende bende alcoholisten en cowboys. Het gaat niet zozeer om Bush, het gaat om de groep. Een groep fundamentalisten bestuurt dat land. Heel gevaarlijk.’
Hier maakt Sauer een kanttekening. Hij wijst naar zijn metgezel die naast ons zit te wachten. ‘Die meneer komt uit Rwanda. Hij zit in mijn korte film Kissingangy Diary (1997) die gaat over een vluchtelingenkamp waar Congolezen een bloedbad aanrichten. Toen de film in Nederland op televisie was, vond iedereen dat vreselijk. De ironie wil echter dat hij hier geen vluchtelingenstatus krijgt.’