Wild Plakken: Copyright is asociaal

Zo’n twintig jaar lang was Wild Plakken een tegendraads, ongelofelijk bevlogen en productief ontwerperscollectief dat met name bekend is om zijn (vaak politieke) affiches. Afgelopen november werd hun omvangrijke archief ontsloten door NAGO, de Stichting Nederlands Archief Grafisch Ontwerpers. Over geëngageerd ontwerpen: de tegencultuur anno toen en nu.

Collectief was bij Wild Plakken geen loze term: onder het mom van ‘gedachten zijn van iedereen’ en ‘copyright is asociaal’ stonden al hun namen bij ieder werk, ook als een van hen het in zijn eentje had gemaakt. Van eind jaren zeventig tot eind jaren tachtig waren dat Lies Ros, Rob Schröder en Frank Beekers. Na het vertrek van de laatste waren ook Caroline Boone, Hanne Lijesen en Max Kisman betrokken.

Het trio Ros, Schröder en Beekers zat samen op de Rietveld Academie, de heren in hetzelfde jaar. Schröder wilde kunstschilder worden, maar kwam er al snel achter dat ‘grafisch vormgeven’ de afdeling was waar ‘het’ gebeurde. Schröder: ‘In eerste instantie wilde ik dingen maken die direct in relatie stonden tot ontwikkelingen in de wereld, de stad en Nederland. Je kiest een richting waarbij je het gevoel hebt dat je een aantal handgrepen krijgt om dingen te maken waarmee je grotere groepen kunt beïnvloeden. Bij autonome kunst is dat natuurlijk veel vager. En op dat moment was de autonome kunst fut- en inhoudsloos.’

Beekers ontdekte pas op de Rietveld waar zijn talenten lagen. ‘Rob was erg betrokken bij actiegroepen. Mede door hem kwam ik er achter dat ik beter met mijn creativiteit uit de voeten kon als ik midden in zo’n groep ging staan en mijn talenten gebruikte om iets toe te voegen. Als je visueel inzicht hebt, kun je een idee vormgeven. Al was het maar in de typografie van een affiche: je hebt de behendigheid om een boodschap goed te communiceren.’

Boodschap

Een belangrijk principe van de Wild Plakkers was dat ze voor de boodschap gingen en niet voor het geld. ‘Als die boodschap niet goed was, dan ging je er tegenin, ook al kostte dat geld’, vertelt Beekers. ‘Voor mij is dat nog steeds zo: als ik een opdracht krijg waar ik niet achter sta of het gevoel heb dat het niet helemaal klopt, dan gaan ik er tegen in. Ik zou niet anders kunnen, mijn werk is ook veel beter als ik feeling heb met de opdrachtgever. Al zie ik om me heen dat het tegenwoordig vaak anders gaat.’

De naam Wild Plakken verwijst natuurlijk naar het illegale verspreiden van affiches, zoals dat in de hoogtijjaren van het collectief zo welig tierde. ‘De openbare ruimte was de enige plek om überhaupt je verhaal te kunnen houden’, weet Schröder. De media waren voor beginnende makers niet toegankelijk. ‘Kranten: gesloten. Bladen en televisienetten: gesloten. We vertelden ons verhaal bijna uitsluitend via affiches en muurkranten. Dat was toen ook verboden: soms werd je opgepakt en moest een nachtje de cel in. Maar het was niet zo streng als het nu is.’

Politieke of illegale affiches zijn bijna uit het straatbeeld verdwenen. Natuurlijk heeft de tegencultuur zich verplaatst naar het internet, maar fysiek is er tot Schröders verdriet veel van verdwenen. ‘In de tachtiger en deels de negentiger jaren bepaalde de tegencultuur ook de sfeer en de kwaliteit van een stad. Dat is voor een groot gedeelte verdwenen, omdat het plotseling over geld gaat en niet over cultuur. De stad is een visueel beeld van de tijd en daar is vrijheid heel belangrijk voor. Nu geldt voor een groot gedeelte: als je geld hebt, heb je vrijheid. En dat is slecht voor een stad.’

Tegencultuur

‘Amsterdam heeft ontzettend geleden onder het verdwijnen van die prachtige, betekenisvolle tegencultuur die het had en doet dat eigenlijk nog steeds.’ Dat is volgens hem terug te zien in de kunst. ‘Nederlands ontwerp heeft internationaal natuurlijk een enorm goede naam, maar toch zie je dat het in den brede veel inhoudlozer is geworden. Het is veel meer een soort stijl, een truc, in plaats van dat je vanuit een inhoud stappen probeert te zetten in de beeldcultuur.’

Deze overtuiging heeft er alles mee te maken dat Wild Plakken zijn spullen aan het NAGO heeft overgedragen en het opnieuw onder de aandacht te brengen. Schröder: ‘We willen nieuwe generaties laten zien dat je door ontzettend hard te werken, ontzettend veel te experimenteren en klooien en het leggen van relaties met allerlei bewegingen geweldig goed je vak kunt leren en meer kunt zijn dan mensen die zich voortdurend aanpassen – ook in het ontwerpen.’

Zelf brachten zij daar materiële offers voor: geen auto, geen kinderen, geen verplichtingen. Alles om maar vrij te kunnen zijn. En ontzettend veel plezier te hebben, zo verzekert Schröder. ‘Op een bepaald moment heb je een enorm oeuvre opgebouwd. Het is veel meer dan mensen in het verleden verwachten van die chaotische linkse gekken.’ Schröder roept kortom op tot meer lef en tegendraadsheid.

Wild Plakken rob schroder

Omslag

In de jaren zeventig beschreef Wild Plakken wat hen zo tegenstond in de reclame: dat het daarbij niet om het geven van ter zake doende productinformatie gaat, maar om het verkopen van ‘glamour’ en ‘droomwerelden’. Dat heeft de laatste jaren natuurlijk steeds meer de overhand gekregen. Het collectief waarschuwde ervoor dat mensen gaan denken dat hun leven door het kopen van producten verandert in plaats van dat ze zelf hun leven in eigen hand nemen.

‘Een overeenkomst tussen reclamemakers en actiegroepen is dat je wilt maken laten zien dat je er bent’, zegt Beekers nu. ‘Hoe vaker je merkt dat iemand of een bepaald product er is, hoe meer je dat als gewoon gaat beschouwen. Als jij een erfenis aan een goed doel wil schenken, dan denk je ook als eerste aan een vereniging waar je naam vaak van hebt gehoord.’ Daarom blijft hij geloven in het stug blijven volhouden van je boodschap, al is hij niet meer zo naïef als toen.

‘Ik denk dat we dachten dat we met één affiche al een groot effect zouden bereiken, maar het gaat maar met hele kleine stapjes. Je ziet het ook bij de SP: die is lang een splinterpartij gebleven en opeens is het op de een of andere manier acceptabel en komt er ineens een soort golfbeweging. Die omslag probeert volgens mij ieder reclamebureau te maken en ook als actiegroep is dat de enige manier om invloed te krijgen. Door constant te hameren op je ideeën wordt het toch gemeengoed. Dat vind ik heel waardevol.’

Opstandigheid

Ook de afkeer die ze destijds hadden tegen logo’s en huisstijlen is inmiddels wat getemperd. Beekers: ‘Het had een commerciële bijsmaak, in die zin was het meer opstandigheid dan dat er ook inhoudelijke redenen voor waren.’ Zoals hiervoor al duidelijk werd vindt hij het zinvol om als bedrijf of actiegroep herkenbaar te zijn. ‘Wij vochten toen wel voor verandering: zo’n stijl moet niet stilstaan. Die energie moet je eigenlijk laten zien. Je kunt zorgen dat een huisstijl zich ontwikkeld tijdens het proces. Ik denk dat dat later wel is overgenomen: je ziet ook huisstijlen waarbij je meerdere kleuren en verschillende vlakken mag gebruiken. Afhankelijk van het doel komt de huisstijl anders naar buiten.’

Hoewel vooral het politieke werk erg bekend is, maakte Wild Plakken ook veel voor culturele instellingen, naar tevredenheid van Beekers. ‘Actiegroepen weten vaak heel goed wat ze willen en dat is doorgaans beperkend voor de vormgeving. Culturele instellingen spreken je juist aan op je bijzondere vormgeving.’ De boodschap staat minder voorop, waardoor het meer abstracte, het zelf invulbare meer ruimte krijgt. ‘De poëzie van een actiegroep is natuurlijk ver te zoeken’, grinnikt Beekers. ‘We moesten wel eens erg lachen om de leuzen. Een beroemde was: ‘Voor levenspeil’ van de CPN. Wij hadden zo iets: alles is levenspeil, daar kun je niet voor of tegen zijn. Dat moet je dan toch op een affiche zetten, want het is democratisch beslist.’

Vloer vol knipsels

De twee oud-Wild Plakkers (het collectief stierf begin jaren negentig een zachte dood) hebben eigenlijk allebei veel werkwijzen uit die tijd vastgehouden. Allebei bereiken zo nog steeds het liefst een zo breed mogelijk publiek. Schröder maakt tegenwoordig documentaires, onder andere voor Tegenlicht van de VPRO, en maakt daarvoor ook affiches die hij via internet verspreid. ‘Je moet je film wel actief onder de aandacht brengen.’

Net als indertijd verzamelt hij overal ter wereld foto’s en knipsels, die hij soms jaren pas ergens voor gebruikt. De affiches van Wild Plakken kwamen destijds wel tot stand door een vloer vol beelden te leggen en daaruit een samenstelling te maken. Onlangs kon de oplettende kijker in een van Schröders documentaires (De Snuffelstaat) het laatste illegale plakwerk ontwaren. ‘Daar zie je tegenwoordig de meer politieke uitspraken in. Soms zitten er prachtige dingen bij.’

Beekers: ‘Achteraf kun je zeggen dat je een stijl hebt, maar dat mag geen uitgangspunt zijn, want een vorm volgt uit het onderwerp. Toch gebruik ik vormen die toen naar buiten kwamen, nog steeds. Ik ben een heel fysiek ontwerper. Ik knip en plak nog steeds: ik maak niks op de computer, Vroeger gebruikten we veel afgedrukte foto’s. Je had dat papierje en je scheurde het op de juiste plaats. Ik gebruik nog steeds vaak een paar schaduwrandjes, alsof het lagen over elkaar zijn. Ik vind dat leuk; om lijfelijk te vechten met een ontwerp.’

Naar boven