Frans Lasès: Die goochelaar met die bijzondere blik

Dag Meneer de Koekepeer, het eerste tv-programma van Frans Lasès, deed menig (kleuter)hart sneller kloppen. Sindsdien tovert de veelzijdige illusionist programma’s uit zijn hoge hoed alsof het niets is. Oma Hondje, Tijger en Temmer, Honnie en Ponnie, het kan niet op. ‘Televisie is voor mij de ultieme goocheldoos.’

Hoe doet-ie het toch, vraag je je af. Keer op keer komt hij met een geweldig idee op de proppen. Is het omdat Frans Lasès nooit helemaal volwassen is geworden? Wellicht, beaamt hij. ‘Maar met een kinderlijke geest kun je natuurlijk geen programma schrijven en op de rails zetten. Eigenlijk moet je met een kinderlijke blik naar de wereld kijken. Je altijd blijven verbazen. En ik ben heel visueel ingesteld: ik zet een knopje om en dan zit ik in een imaginaire wereld.’

Jarenlang had Frans binnen Villa Achterwerk zijn eigen kleuterblok. De korte stukjes met Oma Hondje (gespeeld door Kitty Courbois) fungeerden als een soort raamwerk voor een aantal korte, nogal uiteenlopende programma’s. Die opzet heeft te maken met Frans’ ongedurige karakter. Als kind kon hij in de speeltuin nauwelijks kiezen wat hij eerst wilde doen.

‘Volwassenen weten wat ze willen en gaan op hun doel af. Niet altijd misschien, maar ze doen in ieder geval alsof. Ik probeer dat niet te doen, zoals kinderen dat ook niet doen. De overeenkomst tussen hen en mij is dat de spanningsboog niet zo groot is. Daarom probeer ik van alles een beetje: korte items, snel daarna iets anders. Want in die tijd had ik ook iets anders kunnen doen.’

Nooit te braaf

Frans Lasès
Fijne Familie

Typisch Lasès is dat hij Oma Hondje niet op een voetstuk plaatst. ‘Zo’n oma is natuurlijk ook af en toe vervelend. Ze speelt vals met spelletjes. De dingen die ik doe zijn nooit te braaf. Je moet de kat af en toe ook een beetje tegen de haren instrijken.’ Ouderen duiken opvallend vaak in zijn programma’s op. ‘Ik vind het belangrijk om te laten zien hoe mooi dat contact tussen die twee generaties is. Kinderen en grootouders begrijpen elkaar en mogen meer van elkaar.’

Soms begint een idee voor een programma gewoon bij een titel. ‘Omdat het rijmt of allitereert: Honnie en Ponnie, Fijne Familie. Ik heb het idee dat kinderen het dan gemakkelijker oppakken.’ Het is een dankbare doelgroep, vindt Frans. ‘Als je de wereld een klein beetje positief wilt benaderen, moet je bij kinderen beginnen. Daar valt tenslotte nog wat te doen, zij staan nog overal open voor. Een belangrijke taak voor iemand die kinderprogramma’s maakt.’

Hij wil ze die veilige, beschermende wereld aanbieden, maar ze ook een beetje voorbereiden op de hardere kanten van het leven. ‘Ik probeer ze ook een beetje te prikkelen. En te laten zien dat volwassenen ook maar oud geworden kinderen zijn.’

Verarming

Frans Lasès
Dag meneer de Koekepeer

Tegenwoordig bedient de VPRO de kleuters niet meer. Een verarming vindt Frans. ‘De jongste kijkers blijven nu verstoken van dat andere geluid. Het fantastische podium dat de VPRO biedt is uniek.’ De VPRO, de omroep waarvoor hij freelance werkt, geeft makers namelijk de vrijheid. Heel belangrijk volgens Frans. ‘Je hebt mensen nodig die maken wat er volgens hen gemaakt moet worden. Het publiek kan het dan omarmen of afwijzen. Dat wordt elitair genoemd, maar een modeontwerper vraagt ook niet wat hij moet creëren.’

Anders krijg je volgens hem wat je bij Talpa ziet. ‘In die programma’s wordt de smaak van de massa gevolgd, een soort Kalverstraat-programmering. Ik wil persoonlijke dingen maken, zo dicht mogelijk bij mezelf blijven. Als je kijkt wat een ander doet, is de kans dat je authentiek bent veel kleiner.’

Nu maakt Frans Lasès voor de VPRO programma’s voor iets oudere kinderen, wat hem goed bevalt. ‘Bij kleuters lopen fantasie en werkelijkheid nog door elkaar. Ze nemen alles voor zoete koek aan. Oudere kinderen beginnen vraagtekens te plaatsen, daar kun je als maker vervolgens mee spelen.’

Helden

Die man met die olifant Frans Lasès
Die man met die olifant

Vaak vraagt Frans mensen die hij bewondert in zijn filmpjes mee te doen. ‘Eigenlijk zijn het allemaal mensen met een kinderlijke blik: Bart Chabot, Jan Wolkers, Kamagurka, Herman Brood. Het grootste kind van Nederland is natuurlijk Wim T Schippers, waar ik dolgraag mee werk. De mensen die ik cast zijn geestverwanten.’ Stiekem gebruikt hij z’n programma’s om met zijn helden in contact te komen. Hij raadt het iedereen aan: ‘Zoek je helden op. Als het niet zus kan, dan maar zo.’

Naar boven